zondag 1 juli 2012

Vernis komt van ver

LinguaLog heeft geen zin meer in voetbal en schrijven daarover. Dat is niet omdat Nederland allang uitgeschakeld is, en dat is ook niet omdat LinguaLog in de diverse pools er niet zo goed voorstaat:
LinguaLog heeft een andere actualiteit, een persoonlijke: het is mooi weer en bijna vakantie, en er was nog wat buitenschilderwerk te doen. Afijn, het zit erop en nu is het tijd voor een column.
Via verven kom je dan al gauw op vernissen, meer speciaal op het voltooid deelwoord. Je ziet het vaak geschreven als ik heb vernist; LinguaLog heeft nog op school erin gehamerd gekregen dat het gevernist is, maar veel mensen zijn dat vergeten. Bij de meeste werkwoorden die met ver- beginnen, is ver een voorvoegsel, en dan krijgt het voltooid deelwoord geen ge-. Nederlanders doen dat bijna altijd goed.
LinguaLog las laatst ook 'De politie heeft een man verbaliseerd'. Verbaliseren is afgeleid van het Latijnse woord verbum/verba, dat woord betekent; in de zestiende eeuw is verbaliseren overgenomen uit het Frans met de betekenis mondeling discuteren voor het gerecht. Ver- is hier dus ook geen voorvoegsel en daarom moet je zeggen geverbaliseerd.
Ook bij vernissen is zoiets aan de hand. Het woord heeft niets te maken met een nis waar iets aan veranderd moet worden. Vernis is bij nadere beschouwing een geoniem: een woord dat van een plaatsnaam afgeleid is.
Rond 245 voor Christus trouwde de Macedonische prinses Berenike met de Egyptische koning Ptolemaeus III. Ter gelegenheid daarvan noemde hij de stad Hesperis naar zijn vrouw. Vanuit Berenike werd hars geëxporteerd. De Grieken spraken de naar de stad genoemde hars uit als verenike. In het middeleeuws Latijn werd dit veronice. De Italianen maakten daar vernice van en de Fransen vernis.
Lang heeft deze harsexport trouwens niet geduurd, met de verovering door de Romeinen in 30 voor Christus kwam er een einde aan. De laatste telg uit het Ptolemaeëngeslacht was trouwens Cleopatra. In de late middeleeuwen werd de stad opnieuw vernoemd, nu naar de vrome islamiet Marsa ibn Ghasi, tegenwoordig beter bekend als het Libische Benghazi.
LinguaLog hoopt dat u het nu nooit meer fout doet. Zij is ervan overtuigd dat het helpt als je weet waarom iets is zoals het is. En een verhaal erachter is dan ook nog mooi meegenomen.

zondag 24 juni 2012

Sanskriet

Er wordt gevoetbald en dus is het feest. Het zou kunnen dat het Nederlands elftal daar anders over denkt, maar voor LinguaLog is het feest. Taalkundig gezien dan.
U verbaast zich misschien over de titel van deze column en het verband met voetballen zal u wellicht ontgaan. Maar zonder het voetbal was LinguaLog waarschijnlijk nooit bij het Sanskriet terechtgekomen.
Dat kwam zo.
Vanavond voetballen Engeland en Italië. Het Italiaanse woord voor voetbal is calcio. LinguaLog wilde uiteraard weten waar dat woord vandaan komt: natuurlijk uit het Latijn. Een calceus is een schoen, zaak opgelost. Calceus is afgeleid van calx. En toen kwam het probleem. Er zijn twee woorden calx. Het ene betekent kalk, het andere hiel/hak. Ze hebben etymologisch niets met elkaar te maken. Het scheikundige element calcium is afgeleid van de eerste betekenis; hoe de afleiding van de tweede betekenis is, heeft LinguaLog niet helemaal kunnen achterhalen. Het is maar goed dat Google gratis is, want er moest heel wat gezocht worden. En LinguaLogs bureau ligt inmiddels vol met woordenboeken. Gelukkig vond zij ten slotte dat de taalkundigen het ook niet precies weten.
Er bestaat samenhang met een Grieks woord λαξ (lax), dat met de voet betekent. En dat zou verwant zijn met een Sanskriet-stam kar- die verwonden/doden betekent.
Even tussendoor: Sanskriet is een oude Indo-Europese taal die ca. 500 voor Christus in India gesproken werd. Het was meer een cultuurtaal dan een volkstaal en de grote literatuur van India werd in het Sanskriet geschreven. Sanskriet wordt algemeen als dode taal beschouwd.
Hoe kar verwant kan zijn met lax en calx, weet LinguaLog niet, want zij kent geen Sanskriet, en de gevonden artikelen over die taal zijn zo geleerd dat ze zich niet met dit soort alledaagse woorden bezighouden.
Met een beetje fantasie kun je verband zien tussen de betekenis verwonden en het hedendaagse voetbal, waar er, behalve tegen de bal, ook uitbundig tegen andermans schenen geschopt wordt. Doden zijn er daarbij nog niet gevallen, voor zover LinguaLog weet, maar gewonden des te meer.
Ten slotte vond LinguaLog nog een, zij het onzekere, etymologie: het Griekse woord lax is misschien verwant met het Engelse leg.
En zo zijn we dan bij de wedstrijd van vanavond met een Italiaans woord dat ook een beetje Engels is.

zondag 17 juni 2012

ENOIKIAZETAI PECTOPAN

Gisteren voetbalden Griekenland en Rusland tegen elkaar. LinguaLog is heel blij met de winst van Griekenland, want daarmee stijgt zij weer in de pool, en dat is goed voor de portemonnee.
Griekenland en Rusland: twee landen, elk met een eigen alfabet, maar toch met opvallende overeenkomsten met dat van ons.
Het Griekse alfabet is ontstaan rond 800 voor Christus en het ligt aan de basis van de andere alfabetten in Europa. Toen de Romeinen Griekenland inlijfden, troffen zij een cultuur aan die veel verder ontwikkeld was dan die van henzelf, en zo namen ze ook het Griekse alfabet over, uiteraard aangepast aan hun eigen taal. Wij hanteren dat alfabet nog steeds.
Intussen had het christendom zijn intrede gedaan in het Middellandse Zeegebied. Natuurlijk moest dat geloof verder verbreid worden, en zo togen rond 865 Cyrillus en Methodius, twee broers en monniken uit Thessaloniki, naar Rusland om ook dat land te kerstenen. Een alfabet was daarbij onontbeerlijk, want de nieuwe christenen moesten de Bijbel kunnen lezen. Cyrillus ontwierp daarvoor het glagolitische schrift. De term glagolitisch betekent fonetisch. Hij nam uiteraard zijn eigen alfabet, het Grieks, als uitgangspunt, en voegde letters toe voor de typisch Slavische klanken die het Grieks niet had. Het glagolitische schrift ziet er zo uit:
We zien, als we naar de klank van de letters kijken, dat de eerste 25 letters vrijwel overeenkomen met de 24 letters van het Griekse alfabet. De zestien extra letters zijn kenmerkend voor Slavische klanken. De vorm van de a-klank is mogelijk geïnspireerd door het kruis.
Dit alfabet werd toch wel ingewikkeld gevonden en zo is er, in de tiende eeuw, in Preslav in Bulgarije een eenvoudiger vorm ontwikkeld, die bekend geworden is als het cyrillisch. Op den duur is het glagolitisch in onbruik geraakt. Het cyrillisch lijkt opvallend veel op het Grieks. Kijkt u zelf maar.
Echt moeilijk is het niet om de alfabetten van beide talen te leren. De moeilijkheden komen daarna pas! U ziet wel een paar instinkers: de r-klank ziet eruit als een p, maar is het niet. Gelukkig kende u de pi al uit de wiskunde, dus dat komt wel goed. Lastiger wordt het als u de X ziet: dat staat voor de ch-klank. Als u een H ziet, is het nog wat ingewikkelder: in het Grieks staat die voor de i (Oudgrieks è), in het Russisch is het de n.
Sommige woorden in beide talen bestaan helemaal uit (hoofd)letters die wij ook hebben: het Griekse woord voor te huur is ENOIKIAZETAI en in Rusland kun je eten in een PECTOPAN. Met de bovenstaande afbeelding komt u er wel uit hoe u dat uitspreekt.
Eet smakelijk!

zondag 10 juni 2012

Kippenhok

Nederland heeft zijn eerste wedstrijd in het Europees kampioenschap verloren, tot verdriet van velen. Toch zijn er mensen die erg blij zijn met deze nederlaag: degenen die deze uitslag correct voorspeld hadden en er geld op ingezet hadden. Zoals zo vaak: de een zijn dood is de ander zijn brood.
Op allerlei plaatsen zijn pools gevormd, met als uiteindelijke winst de eeuwige roem (nou ja, een minuut of tien) of een grote som geld. En je zult maar Nederland inderdaad hebben laten verliezen: tel uit je winst, de eerste klapper is alvast binnen! En iedereen hoopt dat hij of zij de tweede poulewedstrijd goed voorspelt.
Pool en poule: twee woorden met dezelfde uitspraak, maar met een verschillende betekenis: pool is een wedsysteem, poule is een aantal sportploegen die samen in een groep spelen. Er zullen vast veel mensen zijn die die woorden door elkaar halen.
Toch lijken de twee woorden meer op elkaar dan je op het eerste gezicht denkt. Pool hebben we geleend uit het Engels, dat het op zijn beurt uit het Frans geleend heeft: poule. Poule betekent ook kip. Hoe kan dat nu? Sport was toch in oorsprong een mannenzaak en dat associeer je meer met haantjesgedrag.
De etymologen zijn ervan overtuigd dat de oorsprong van poule/pool inderdaad in het kippenhok ligt, ook al is het verband niet helemaal duidelijk. Ze denken dat de pot waarin de inzet gestort wordt, overeenkomst vertoont met het nest waarin de kip haar eieren legt. Die eieren worden elke dag geraapt, zoals de winnaar van de voorspellingen het geld uit de pot pakt.
Voor de volledigheid: ons eigen woord poel, meertje, heeft er helemaal niets mee te maken. Dat is een heel oud woord uit de tiende eeuw.
En wat dat kippenhok betreft: bij de voor- en nabeschouwingen van de wedstrijden zit er in de studio een stelletje 'deskundigen' met elkaar te praten; als de emoties hoog oplopen en ze door elkaar gaan praten, lijkt dat net een kippenhok, vindt LinguaLog. Een kippenhok met een hoog haantjesgehalte, dat weer wel…

zondag 3 juni 2012

In de ban van het voetballen?

De komende week begint het Europees kampioenschap voetbal en LinguaLog is er helemaal klaar voor! Nee, zij zit niet in een oranje T-shirt achter haar computer dit stukje te typen en zij maakt gewoon afspraken buiten de deur op het moment dat het Nederlands elftal speelt. De intimi van LinguaLog kunnen gerust zijn. Maar op het gebied van de taal is er natuurlijk van alles te beleven als er zo veel landen met zo veel talen bij elkaar zijn, en daarover gaat dit stukje.
Nederland speelt de eerste wedstrijden in Charkov in Oekraïne. We gaan eerst maar eens kijken naar de taal van het land. Daarbij beweegt LinguaLog zich natuurlijk op glad ijs, want zij kent geen Oekraïens. Verwacht dus geen wetenschappelijk betoog, maar zomaar wat gedachten.
Oekraïne is een betrekkelijk nieuw land. Het maakte decennialang deel uit van de Sovjet-Unie, maar sinds 1991 is het onafhankelijk. Voor die tijd spraken wij meestal over de Oekraïne, maar voor een onafhankelijk land is dat een beetje raar. Mocht de Veluwe zich ooit van Nederland afscheiden, dan heet het voortaan immers ook Veluwe.
In het land worden twee grote talen gesproken, Oekraïens in het westen en overwegend Russisch in het oosten. De officiële taal van het land is – natuurlijk – Oekraïens, maar de Russischsprekenden eisen nadrukkelijk een eigen positie op. LinguaLog denkt dat het mede een politieke kwestie is.

Oekraïens en Russisch zijn nauw verwante talen: beide behoren tot de Oost-Slavische taalfamilie. Ze hebben beide het Cyrillisch schrift, hoewel er in het Oekraïens enkele aanpassingen zijn. Bij een oppervlakkige beschouwing is het eerste wat opvalt het voorkomen van de letter i waar andere Slavische talen een o hebben. Zo is het woord voor nacht in alle Slavische talen noc (uitspraak: nots) of een variant daarvan, in het Oekraïens is het nic (nietsj).
Zoals gezegd: in het westen van het land spreekt men overwegend Oekraïens, en daar ligt ook de stad Lviv. Wij kennen de stad met zijn Russische naam Lvov. LinguaLog denkt dat taal hier politiek is: als je pro-Russisch bent, zeg je Lvov, anders Lviv. Anderzijds: het Nederlands elftal speelt in Charkov, helemaal in het oosten van het land, waar Russisch de overwegende taal is. In het Oekraïens heet de stad Charkiv.
De naam Oekraïne betekent grensland, en dat blijkt ook uit de taal: het heeft betrekkelijk veel Poolse leenwoorden. Veel mensen weten dat werk in het Russisch rabota is (daar komt het woord robot vandaan). Het Oekraïens heeft in plaats daarvan het Poolse woord praca.
Gelukkig heet voetbal gewoon foetbol, waaruit je trouwens kunt concluderen dat het woord niet uit het Duits, maar uit het Engels geleend is.

LinguaLog wenst u veel taal… o, nee, kijkplezier!

maandag 28 mei 2012

Rrrrrrrr

Nee, LinguaLog heeft het niet koud, integendeel. Dit stukje gaat over de r.
Een r maakt soms een wereld van verschil. Het is Pinksteren en prachtig weer, en dus komt de barbecue uit de schuur en verassen we onze vrienden op een heerlijk buitenfeest.
Huh? Ziet u wat er fout is?
Ja, het moet natuurlijk verrassen zijn. Verassen gaat ook op een soort barbecue, maar zo leuk is dat niet. Hoe komen zulke fouten tot stand? Beide woorden klinken nagenoeg hetzelfde. Proef de woorden maar, volgens LinguaLog wordt bij verrassen de r iets nadrukkelijker uitgesproken; maar het kan ook zijn dat zij, nu ze het woord voor dit stukje uitspreekt, het extra netjes doet.
LinguaLog heeft geen oplossing voor dit probleem, het is waarschijnlijk gewoon een kwestie van goed opletten, en vooral: wéten dat er een probleem is.

Na afloop van het feestje kun je zeggen dat je op een heerlijke barbecue vergast bent.
Ha, nu zie ik de fout, hoor ik u denken.
Maar nee, deze zin is helemaal goed, hoe raar het ook klinkt!
Vergast is het voltooid deelwoord van vergasten, maar ook van vergassen. Als u verwarring wilt voorkomen, moet u de zin anders formuleren, maar let op:
In de verleden tijd kan het bij vergasten/vergassen wél fout gaan:
Ik vergastte mijn vrienden op een barbecue – ik vergaste mijn vrienden op een barbecue.
In het tweede geval zult u de eerstkomende tijd niemand meer vergasten, want dan bent u zelf te gast, in de gevangenis!

Zo leiden fouten dus geregeld tot komische situaties. Het nadeel van een column als deze is dat, als iedereen nu ineens foutloos gaat schrijven, er niets meer voor taalbloggers overblijft…

Veel plezier, als u vanavond een barbecuefeestje hebt!

zondag 20 mei 2012

Bosuien

Albert Heijn heeft weer iets! Het concern lijkt, in tegenstelling tot de meeste andere mensen, nog steeds in een maakbare samenleving te geloven; op zijn minst in een maakbare taal. Afgelopen woensdag schreef Aaf Brandt Corstius in de Volkskrant een column over de bosuien bij Albert Heijn. Die bleken ineens omgedoopt te zijn in salade-uien. ABC vroeg zich af waarom. In deze column krijgt u daar geen antwoord op, want LinguaLog weet het ook niet. Wel heeft zij zo haar vermoedens.
Wat zijn bosuien eigenlijk? Preiachtige uitjes die met z'n drieën verkocht worden in een zakje of met een elastiekje eromheen. En die uien komen natuurlijk niet uit het bos, tussen de bomen vandaan. Zoals wij allemaal, behalve blijkbaar Appie dan, weten, is er verschil tussen het bos en de bos. Het bos is een verzameling bomen, de bos is een bundel. Bundel betekent trouwens tegenwoordig een setje telefoonfuncties met een virtueel touwtje eromheen. Bij bosuien gaat het om de bos. Net als bij bospeen. Nee, die groeien ook niet in het bos! In de prehistorie misschien wel, maar dat weten we niet meer.
Albert Heijn zet de mensen hiermee trouwens lelijk op het verkeerde been, want het heeft wel de naam van bosuien veranderd, maar bospeen heet nog steeds zo. En nu zou LinguaLog zomaar kunnen denken dat bospeen wél uit het bos komt, want anders hadden ze die naam ook wel veranderd. LinguaLog doet uit protest tegen de gang van zaken géén suggesties voor hoe je bospeen dan zou moeten noemen!
Bosbessen is een ander geval: dat zijn echt bessen die uit het bos komen. LinguaLog heeft ze nog geplukt toen ze een LinguaLogje was, en meer recent in Denemarken. Die worden tegenwoordig door bijna alle handelaren verkocht als blauwe bessen. LinguaLog vindt dat jammer: bosbessen klinkt veel romantischer en het is ook beter voor de natuureducatie van onze kinderen.
Salade-uien: het woord ziet er ook niet uit, met dat streepje. Het siert Albert Heijn dat het dat streepje überhaupt nog zet, want de spelling salade uien ligt op de loer. Het woord salade-uien is immers wel héél lang geworden en dat kunnen de mensen tegenwoordig niet meer behappen. Bosuien ging nog net. In de oosterse keuken worden bosuien trouwens ook niet uitsluitend over de sla gestrooid.

Want het eind is zoek: immers, wat doe je met aardappels en aardbeien: aardappels groeien ín de aarde en aardbeien niet. Straks gaan al die stadsmensen nog denken dat aardbeien ook in de grond groeien. En tuinbonen: het suggereert dat alle andere bonen niet in de tuin groeien.

Daarom: richt een actiegroep tot behoud van de bosui op, boycot de bosui bij Albert Heijn en ga naar een groenteboer die nog wel bosuien verkoopt!

Eet smakelijk en tot de volgende keer.